Hongarije, de Viktator en ik

 
VN:F [1.9.22_1171]
Rating: 0 (from 0 votes)
VN:F [1.9.22_1171]
Rating: 0.0/10 (0 votes cast)

Swaan van Iterson

Waarom ik mij zorgen maak over Hongarije: de gevaren van een tweederde meerderheid voor de “Viktator” en rechts-extremisme verpakt in een hip jasje.

Photo: ©András Bruck

Photo: ©András Bruck

Donderdag 17 april 2014

Een zondagavond stapte ik op het vliegtuig om er een paar dagen tussenuit te gaan. Precies op de avond dat de uitslag van de Hongaarse parlementsverkiezingen bekend zou worden gemaakt, bevond ik mij hoog in de lucht, ver weg van de wereld van de politiek.

Ik had mij regelmatig opgewonden over de ontwikkelingen in Hongarije: artikelen geschreven, een documentaire gemaakt, discussies bijgewoond. Op de opwinding volgde vaak een gevoel van machteloosheid, want de politieke situatie in mijn tweede thuisland ging in rap tempo bergafwaarts en dat ene artikel zou het verschil niet maken. Ik wilde voorkomen dat de machteloosheid om zou slaan in slachtofferschap, een sentiment dat Hongaren maar al te goed kennen. Ik besloot de verkiezingen deze keer zo veel mogelijk aan me voorbij te laten gaan.

Het eerste kwartier van de vlucht lukte dat goed. Ik ervoer een gevoel van opluchting, maar helaas: de pret mocht niet lang duren. Ik boog naar voren om een boek uit mijn tas te pakken en daar lag hij: De Groene Amsterdammer. Ik probeerde hem te negeren maar die verdomde letters op de voorpagina bleven me aanstaren:“Orbán’s Hongarije. De voormalige sovjetstaat is opnieuw een dictatuur”. Voor ik het wist had ik het tijdschrift geopend, bladerde ik naar het artikel, grepen de woorden van de Hongaarse schrijver-journalist András Bruck me bij de keel en dwaalden mijn gedachten toch weer af naar Hongarije.

Zodra ik landde zette ik mijn telefoon aan. Het onvermijdelijke was gebeurd. Voor de tweede keer had Viktor Orbán met zijn Fidesz partij een grote overwinning behaald. Fidesz had zo’n 44.5 % van de stemmen verkregen en zou daarmee naar alle waarschijnlijkheid haar tweederde meerderheid behouden. In de afgelopen vier jaar heeft Orbán zijn macht op allerlei terreinen in rap tempo uitgebreid. De onafhankelijkheid van de wetgeving en de rechtspraak is in het geding gebracht, alsmede de persvrijheid. De nieuwe grondwet die onder Fidesz is doorgevoerd staat bol van het nationalistische discours dat Orbán zo lief is. Onder de Viktator wordt  de geschiedenis herschreven waar je bijstaat: antisemitische schrijvers worden toegevoegd aan de leeslijsten van middelbare scholieren,straatnamen worden vervangen en door het hele land herrijzen beelden van Horthy, de regent die tijdens de Tweede Wereldoorlog een bondgenootschap aanging met Hitler. De kers op de taart: afgelopen winter richtte de regering het onderzoeksinstituut ‘Veritas’ op, een instituut dat de ‘nationale identiteit’ dient te versterken middels het ‘onderzoeken en beschrijven’ van de geschiedenis van de afgelopen 150 jaar.

Het was de linkse oppositiepartijen zondag niet gelukt om tegenwicht te bieden. Ze waren kwaad, want volgens hen was de uitslag van de verkiezingen mogelijk gemaakt door de aanpassingen aan het kiesstelsel die de Fidesz partij had doorgevoerd. De nieuwssite HVG.hu meldde dat Fidesz zondag ca. 800.000 stemmen minder behaalde dan in 2010. Toch zal de tweederde meerderheid van Fidesz waarschijnlijk in tact blijven. De weg is vrijgemaakt om de omstreden, nationalistische koers van Fidesz in sneltreinvaart uit te breiden.

Fidesz staat er niet alleen voor als het gaat om het verspreiden van nationalistisch sentiment. De extreem-rechtse Jobbik partij behaalde zondag ruim 20 procent van de stemmen. Jobbik pleit voor een extreem nationalistisch, antisemitisch beleid. De partij heeft banden met de ‘Nieuwe Hongaarse Garde’, een burgerwacht die Hongarije wil ontdoen van de ‘toenemende zigeunercriminaliteit’. Racistische uitspraken zijn binnen de partij eerder regel dan uitzondering. De partij heeft veel aanhang onder jonge (dikwijls ook hoogopgeleide) Hongaren. Bij Jobbik weten ze dondersgoed hoe ze campagne moeten voeren: de straat op, een sterk geluid laten horen op internet en de sociale media, en tegelijkertijd het imago van de partij onder controle houden. Het resultaat: traditioneel rechts-extremisme verpakt in een hip jasje.

Terwijl ik mij nog zo had voorgenomen om ditmaal afstand te bewaren tot de politieke ontwikkelingen, zit ik toch weer achter mijn laptop. Misschien is het onvermijdelijk, kan ik mij er beter aan overgeven. Er is mij vaak gevraagd waarom ik me zo druk maak om de ontwikkelingen in Hongarije. Regelmatig heb ik geprobeerd een respons te vermijden. Ik zou de ruimte van een heel boek nodig hebben om de complexiteit van het antwoord weer te geven. Maar ik zal vandaag een poging wagen: omdat ik de uitslagen van afgelopen zondag niet links kan laten liggen, en omdat het boek nog wel even op zich zal laten wachten.

Ik maak mij zorgen om de ontwikkelingen in Hongarije, omdat zich midden in het hart van Europa een dictatuur ontvouwt onder de noemer van de ‘democratie’ en het lijkt alsof we machteloos zijn.

Ik maak mij zorgen om de ontwikkelingen in Hongarije, omdat angst de Hongaarse samenleving domineert en in vele gevallen tot zwijgen of onverschilligheid aanzet.

Ik maak mij zorgen, omdat er ontzettend veel morele afbraak plaatsvindt in Hongarije. Een morele afbraak die misschien niet altijd in juridische termen te vangen is, maar juist daarom zeer gevaarlijke vormen aanneemt.

Ja, ik maak mij zorgen om de ontwikkelingen in Hongarije omdat ik Hongaars bloed heb. Samen met nog zo veel anderen zie ik mijn vaderland voor mijn ogen afbrokkelen.

Ik maak mij zorgen omdat mijn moeder het land tijdens het communisme is ontvlucht en naar Nederland is gekomen, op zoek naar een plek waar zij adem kon halen. Ze zou zich woedend omdraaien in haar graf als ze zou kunnen zien wat er gaande is. Als ze terug had kunnen keren, zou ze zijn gestikt.

Ik maak mij zorgen om de ontwikkelingen in Hongarije omdat ik van het land houd, en omdat ik het land haat. Zoals András Bruck schreef:

“Dat een democratisch land in vredestijd, geïntegreerd in een netwerk van welwillende naties, en gesteund met grote hoeveelheden geld, midden in de radicale, wereldomspannende veranderingen en de bliksemsnelle technologische revolutie, plotseling alles de rug toekeert, en dat het overgrote deel van de samenleving daar niets tegenin brengt, is eenvoudigweg onbegrijpelijk.”

“Wat is er toch met Hongarije aan de hand?”

___

This article first appeared in BKB on 10 April 2014. Republished with the author’s consent.

VN:F [1.9.22_1171]
Rating: 0.0/10 (0 votes cast)
VN:F [1.9.22_1171]
Rating: 0 (from 0 votes)

Related posts